Iedere werknemer heeft wettelijk recht op vier weken vakantie op jaarbasis. Wanneer een werknemer in de loop van het jaar in dienst komt, vindt de opbouw naar rato plaats. Daarnaast is in een individuele arbeidsovereenkomst of cao vaak geregeld dat de werknemer recht heeft op meer vakantiedagen dan het wettelijke minimum, de zogenaamde bovenwettelijke dagen. De wettelijke vakantiedagen kunnen vervallen per 1 juli van het volgende jaar, maar daarvoor moet aan bepaalde voorwaarden worden voldaan. Wij zetten hier alle regels rondom de wettelijke en bovenwettelijke vakantiedagen voor u uiteen.

Wettelijke vakantiedagen vervallen per 1 juli

De opgebouwde wettelijke vakantiedagen vervallen zes maanden na afloop van het kalenderjaar waarin ze zijn opgebouwd. Dit houdt in dat de in 2021 opgebouwde en niet opgenomen vakantiedagen op 1 juli 2022 vervallen. Het is mogelijk hierover afwijkende schriftelijke partijafspraken te maken, mits deze in het voordeel van de werknemer zijn.

Let op! Wees er alert op dat je als werkgever de werknemer tijdig moet informeren over de nog niet opgenomen wettelijke vakantiedagen. U moet hen informeren over het tegoed aan wettelijke vakantiedagen dat nog open staat en wat er gebeurt als hij/zij deze niet opmaakt. Informeert u als werkgever niet op tijd? Dan vervallen de wettelijke vakantiedagen niet per 1 juli 2022.

Geen korte vervaltermijn onder specifieke omstandigheden

Er zijn omstandigheden waardoor van de werknemer redelijkerwijs niet kan worden verwacht dat de wettelijke vakantiedagen opgenomen worden. Denk hierbij aan drukte binnen de organisatie, arbeidsongeschiktheid, etc. Zijn er specifieke omstandigheden, dan wordt teruggevallen op de reguliere verjaringstermijn van vijf jaar.

Let op! Bij arbeidsongeschiktheid kunnen werknemers wel degelijk vakantiedagen opnemen. Dit geldt in ieder geval als er re-integratieverplichtingen zijn opgelegd. Tijdens de opname van vakantiedagen is de werknemer namelijk vrijgesteld van re-integratie verplichtingen.

Bovenwettelijke vakantiedagen verjaren na 5 jaar

De bovenwettelijke vakantiedagen verjaren na vijf jaar. Deze termijn van vijf jaar begint te lopen na afloop van het jaar waarin ze zijn opgebouwd. Dit houdt in dat de opgebouwde bovenwettelijke vakantiedagen over 2021 komen te vervallen op 31 december 2026. Verjaringstermijnen kunnen in tegenstelling tot vervaltermijnen worden opgeschort. Om als werknemer aanspraak te kunnen blijven maken op de bovenwettelijke vakantiedagen, moet de werknemer een brief naar de werkgever sturen, waarin hij/zij aangeeft  aanspraak te willen blijven maken op de bovenwettelijke vakantiedagen die komen te verjaren. Heeft de werkgever daar kennis van genomen, dan gaat een nieuwe verjaringstermijn lopen.

Informatieplicht werkgever voor vervallen vakantiedagen

In 2018 heeft het Europese Hof van Justitie een belangrijke beslissing genomen over het verval van vakantiedagen. Het betreft het Max-Planck arrest, waarin is bepaald dat de werkgever een vergaande inspanningsverplichting heeft op dit gebied. Alleen wanneer de werkgever kan bewijzen dat hij/zij de werknemer erop heeft gewezen dat de vakantiedagen tijdig opgenomen moesten worden en wat de consequenties zijn wanneer dat niet is gebeurd, komen de vakantiedagen te vervallen.

De werkgever moet deze inspanningsverplichting ten alle tijden uitvoeren. Ook wanneer verwacht kan worden van een werknemer dat hij of zij bekend is met de regeling van het verval van vakantiedagen. De werkgever moet het verval van vakantiedagen duidelijk kenbaar hebben gemaakt, moet hebben aangegeven dat de vakantiedagen tijdig opgenomen moeten worden en moet de risico’s van het niet tijdig opnemen van de vakantiedagen hebben aangegeven.  Het is dus zaak voor een werkgever om een werknemer er vóór 1 juli 2022 op te wijzen dat zijn nog openstaande wettelijke vakantiedagen over 2021 komen te vervallen.

ATV-dagen vallen niet onder vakantieregeling

Voor de ATV-dagen is bovenstaand niet van toepassing. Voor ATV-dagen is namelijk geen wettelijke bepaling, maar ook opgebouwde niet genoten ATV-dagen kunnen vervallen. De vervaltermijn voor ATV-dagen kan geregeld zijn in de CAO. Staat het niet vermeld in de CAO? Dan kan het uitkomst bieden om de vervaltermijn op te nemen in de individuele arbeidsovereenkomst.

Geschreven door:

HRM adviseur Kim van Kasteele

mr. Kim van de Kasteele

Arbeidsjuridisch Adviseur