Net voor Pasen zijn de eerste stappen gezet voor de nodige wijzigingen box 3: Staatssecretaris Van Rij presenteerde zijn plannen voor rechtsherstel en een nieuwe belastingstelsel voor box 3. Uit het Kamerdebat blijkt dat het een lastige afweging is tussen rechtvaardigheid, uitvoerbaarheid en de budgettaire aspecten.  Bij de voorjaarsnota (begin juni) wordt bekend hoe er rechtsherstel voor de box 3 heffing gegeven gaat worden. Of enkel de bezwaarmakers of iedereen ook in aanmerking komt voor dat rechtsherstel is afwachten. Het kabinet wil eerst nog een arrest van de Hoge Raad afwachten voor meer duiding. Dit betekent dat het kabinet waarschijnlijk pas in het najaar gaat beslissen wie er in aanmerking komt voor een teruggave. In dit artikel leest u hier meer over.

Alleen compensatie voor de bezwaarmakers?

In 2021 rond kerst oordeelde de Hoge Raad dat het stelsel van box 3 in strijd is met Europees Recht en dat de bezwaarmakers recht hebben op rechtsherstel. Door een stapeling van ficties ervaren belastingplichtigen met een negatief of laag rendement een relatief zware belastingdruk. Deze groep zal in de regel de groep spaarders betreffen.  De Tweede Kamer heeft het kabinet begin februari per motie verzocht niet alleen de bezwaarmakers, maar alle ‘kleine spaarders’ rechtsherstel te bieden. Ook zij betaalde namelijk deze onrechtmatige (hoge) belasting.

Tijdens het Kamerdebat gaf Staatssecretaris Van Rij aan dat de Hoge Raad binnen een half jaar met een arrest komt rondom  een belastingplichtige die niet op tijd bezwaar heeft gemaakt tegen zijn box 3 aanslag. In deze zaak eist een belastingplichtige compensatie. Mocht de Hoge Raad in het voordeel van de belastingplichtige oordelen, dan is het duidelijk dat de overheid alle gedupeerden van box 3 moet compenseren. Omgekeerd, als de Hoge Raad van oordeel is dat de overheid niet verplicht is om te compenseren, dan is het een politieke keuze om wel of niet aan alle gedupeerden rechtsherstel te bieden.

Overigens zal het rechtsherstel vanzelfsprekend voor iedere belastingplichtige plaatsvinden over de jaren 2021-2024. Over deze jaren zijn namelijk nog geen definitieve aanslagen opgelegd.

Kamer laat zich niet uit over de keuzevarianten

Tijdens het debat stelde de Kamer kritische vragen over de eerder gepresenteerde keuzevarianten. Zijn deze varianten wel houdbaar voor een rechter? En zijn deze wel uitvoerbaar door de Belastingdienst? Bovendien uitte de Kamer zorgen dat niet alleen “kleine spaarders” maar ook beleggers in aanmerking komen voor rechtsherstel. De Kamer acht dit onrechtvaardig omdat zij in deze periode juist hoge rendementen hebben behaald en daarmee dus een relatief lage belasting in box 3 hebben betaald. Op dit moment onderhandelt de Kamer nog met het kabinet over de voorjaarsnota. Uitstel van keuzes in dit hoofdpijndossier komt de Kamer daarom goed uit omdat de budgettaire effecten groot zijn.

Geschreven door:

Belastingadviseur Mariëlle Spuijbroek

mr. Mariëlle Spuijbroek

Partner en belastingadviseur