Inkomsten uit sparen en beleggen worden nu belast in box 3. Daarbij wordt uitgegaan van een fictief rendement. De rechtvaardigheid van dit stelsel is steeds meer ter discussie komen te staan doordat werkelijke rendementen tot onder het forfaitair rendement zijn gedeeld en door onder meer de ontwikkeling in de rechtspraak. Hierdoor is er een wens is ontstaan om van het systeem van een verondersteld rendement af te stappen en de box 3 heffing om te zetten naar een heffing over het werkelijk rendement. In dit artikel informeren we u in welke richting de plannen zich ontwikkelen.

Beschikbaarheid van (digitale) informatie cruciaal voor nieuwe box 3 belasting

Volgens Staatssecretaris Vijlbrief is voor een heffing naar werkelijk rendement cruciaal dat de Belastingdienst over meer digitale informatie beschikt. Daarom heeft de staatssecretaris laten onderzoeken wat hierin de praktische mogelijkheden zijn. De conclusie van het rapport is dat aanknopingspunten beschikbaar zijn om voor de diverse vermogenscategorieën (digitale) informatie te ontsluiten en aan de Belastingdienst beschikbaar te stellen. Ten aanzien van de onroerende zaken en overige bezittingen blijkt dit complexer te zijn. Een dergelijke hervorming van box 3 zal tot een forse aanpassing van de bestaande informatie-aanlevering aan de Belastingdienst leiden.

Uitwerking nieuwe belasting aan volgend kabinet

De uitvoerbaarheid en de haalbaarheid van een stelsel naar werkelijk rendement is van meer factoren afhankelijk dan alleen de beschikbaarheid van (digitale) informatie. Of de resultaten van het onderzoek gaan leiden tot wijzigingen in de belastingheffing in box 3 is aan het volgende kabinet. De Tweede Kamer heeft op 8 juli 2021 vijf moties aangenomen met daarin het verzoek om in 2021 een contourennota op te stellen zodat een nieuw kabinet deze contouren in 2022 kan omzetten in een wetsvoorstel. Daarnaast is verzocht om een tussentijdse oplossing te zoeken. Wij houden u vanzelfsprekend op de hoogte.

Geen aanpassingen op de korte termijn

Daarnaast is onderzocht of een tegenbewijsregeling in box 3 op de korte termijn een oplossing zou kunnen bieden voor belastingplichtige die alleen over spaargeld beschikken. Uit het onderzoek blijkt dat een dergelijke korte termijn regeling juridisch niet mogelijk is. Daarom adviseert de staatssecretaris om de toekomstige plannen te richten op een aanpassing van het stelsel. Daarmee biedt de staatssecretaris een vergezicht voor de hervorming van box 3. Uiteraard houden we u op de hoogte wanneer deze belastingplannen meer concreet worden.