Paprika zzp

Paprikadraaier met één opdrachtgever fiscaal ondernemer

Artikel

Laatste update: 09 juli 2018
Gepubliceerd: 09 juli 2018
Door: Wim Zandvliet, Partner en Belastingadviseur
Delen via:

Een topper en draaier van paprika’s kan als ondernemer voor de ib worden aangemerkt, omdat hij zijn werkzaamheden zelfstandig en voor eigen rekening verricht en daarbij ondernemersrisico loopt. Dit heeft het hof in Den Haag onlangs besloten. Ook als er voor maar één opdrachtgever wordt gewerkt.

In de zaak waar het Hof uitspraak over heeft gedaan, hield een zzp’er zich fulltime bezig met het draaien en toppen in de paprikateelt. De daarmee behaalde inkomsten werden aangegeven als winst uit onderneming.

Resultaat uit overige werkzaamheden

In de periode 2012 tot en met 2014 was de zzp’er tarieven overeengekomen met zijn opdrachtgevers die varieerden van € 13,50 tot en met €18 per uur. De werkzaamheden werden per meter en per uur in rekening gebracht. De inspecteur was het daar niet mee eens en corrigeerde de ib-aangifte 2014. Hij merkte de inkomsten aan als resultaat uit overige werkzaamheden en weigerde de zelfstandigen- en startersaftrek en de MKB-winstvrijstelling. De rechtbank Den Haag stelde de inspecteur in het gelijk.

Het Hof in Den Haag besliste echter onlangs dat de zzp’er aannemelijk had gemaakt dat hij ten opzichte van de opdrachtgever voldoende zelfstandig was. Deze aanvaardde niet alleen incidenteel opdrachten, maar streefde naar continuïteit in het verwerven van zijn inkomsten door het verkrijgen van verschillende (opeenvolgende) opdrachten. Hij had met zijn werkzaamheden in de jaren 2011 tot en met 2014 een substantiële omzet behaald waarmee hij in zijn levensonderhoud kon voorzien. De tarieven kwamen in onderling overleg tot stand en hij bepaalde zelf wanneer en hoe vaak hij werkte. Bovendien was hij niet verplicht opdrachten te aanvaarden en kon hij zijn werkzaamheden naar eigen inzicht en zonder toezicht uitvoeren.

Ondernemersrisico

Het Hof oordeelde tevens dat de zzp’er wel degelijk ondernemersrisico liep. Dat dit risico zich in 2014 voordeed, maakte niet uit. De zzp’er was in geval van schade en/of wanprestatie jegens derden verplicht de schade te vergoeden of te herstellen. Ook liep hij risico's bij het aannemen van een opdracht tegen een totaalbedrag, omdat weersomstandigheden (aantal uren zon) erg bepalend waren voor het groeien van de planten.

Verder had hij volgens het Hof geïnvesteerd in een mobiele telefoon en computer en al het noodzakelijke gereedschap en hulpmiddelen (mes, werkkleding, schoenen) aangeschaft om zijn werkzaamheden te kunnen verrichten. Dat er geen noemenswaardige reclame werd gemaakt, verhinderde het ondernemerschap ook niet. In deze specialistische branche, liep de geëigende manier om nieuwe opdrachtgevers voor een opvolgende opdracht te zoeken namelijk niet via reclame. Het Hof merkte de zzp’er aan als ondernemer en verklaarde het hoger beroep gegrond.

Zelfstandig uitgeoefend beroep

In zijn algemeenheid is dus sprake van een zelfstandig uitgeoefend beroep als de belastingplichtige voldoende zelfstandigheid bezit ten opzichte van zijn opdrachtgevers, niet slechts incidenteel opdrachten aanvaardt maar streeft naar continuïteit door het verkrijgen van verschillende opdrachten en ondernemersrisico loopt. Als continuïteit of ondernemersrisico ontbreekt, zal veelal sprake zijn van resultaat uit overige werkzaamheden of kan er sprake zijn van loon uit dienstbetrekking.

Voor het antwoord op de vraag of ondernemersrisico zich voordoet, is van belang of de belastingplichtige voor de verwerving van opbrengsten afhankelijk is van het zelfstandig aantrekken en behouden van klanten en of voor de beroepsuitoefening risico's van enige betekenis worden gelopen ter zake van investeringen in bedrijfsmiddelen of ter zake van debiteuren.

Zelfstandigheid afhankelijk van uurtarief

In de praktijk is er ten aanzien van zzp’ers veel onduidelijkheid omtrent de vraag of er sprake is van ondernemerschap. Na de afschaffing van de VAR en de invoering van de wet DBA is de onduidelijkheid eerder toe- dan afgenomen. In de nieuwe kabinetsplannen wil de overheid de zelfstandigheid (mede) laten afhangen van de hoogte van het door de zzp’er in rekening te brengen uurtarief.

Juist uit deze zaak van de paprikadraaier blijkt dat het uurtarief ook niet altijd bruikbaar is om een dienstbetrekking vast te stellen. Het te realiseren uurtarief is namelijk afhankelijk van de afgesproken aanneemsom en zal positief of negatief worden beïnvloed door het ondernemersrisico en zelfs door de weersomstandigheden. Het kan dus vriezen of dooien met de fiscale beoordeling van het ondernemerschap.

Wij zijn dan ook zeer benieuwd hoe dit wordt opgenomen in de vervanger van de Wet DBA. Tot die tijd kunnen zzp’ers in de land- en tuinbouw hun voordeel doen met deze uitspraak.