De Tweede Kamer heeft onlangs ingestemd met de invoering van een vrachtwagenheffing per 2027. Deze regeling houdt in dat er voor bedrijfsautos van meer dan 3.500 kilo een heffing per verreden kilometer betaald moet worden. De invoeringsdatum is later dan oorspronkelijk de bedoeling was. In dit artikel zetten wij de plannen uiteen.

Eurovignet verdwijnt en de mrb gaat omlaag

Het Eurovignet verdwijnt en de motorrijtuigenbelasting (mrb) wordt voor deze vrachtauto’s verlaagd. Het Eurovignet geldt voor zware vrachtauto’s waarvan het leeggewicht plus laadvermogen 12.000 kilo of meer is.

Introductie van vrachtwagenheffing

Met de invoering van een vrachtwagenheffing gaan binnenlandse en buitenlandse vrachtwagens betalen voor het gebruik van de Nederlandse wegen. Met invoering van de vrachtwagenheffing sluit het kabinet aan bij de situatie in andere Europese landen. De hoogte van de heffing hangt af van milieukenmerken en het gewicht van een vrachtwagen: hoe schoner en lichter, hoe lager de heffing. Het gemiddelde tarief gaat 15 cent per gereden kilometer bedragen.

Let op: de heffing wordt niet alleen verplicht op snelwegen, maar ook op N-wegen. Dit om sluipverkeer van vrachtwagens tegen te gaan.

Extra financiering

De vertraagde invoering van de heffing betekent dat er gezocht moet worden naar alternatieve financieringsvormen, zodat de verduurzaming van de sector geen vertraging oploopt.

Terugsluizen van netto opbrengsten

De transportsector is positief over de maatregel. Met de opbrengst van de heffing wordt vervoer over de weg verder verduurzaamd en geïnnoveerd. Zo moet de sector inspelen op het feit dat vanaf 2030 binnensteden alleen nog toegankelijk gaan zijn voor vrachtauto’s zonder CO2-uitstoot.

Extra laadpunten

In een motie is aandacht gevraagd voor het feit dat er voor vrachtwagens veel meer laadpunten moeten komen. Berekend is dat voor de bevoorrading in de binnensteden zo’n 12.000 vrachtwagens nodig zijn.

Nog niet definitief

Ook de Eerste Kamer moet nog met het wetsvoorstel akkoord gaan. Het voorstel zoals het er nu ligt, is dus nog niet definitief.

Geschreven door:

Accountant Aart van Bunschoten

Aart Bunschoten RA

Directeur en accountant