Het percentage waarmee u de meeste aftrekposten volgend jaar kunt verrekenen met uw inkomen, daalt naar 43%. Dit is nu nog 46%. De vermindering van de aftrek gaat de komende jaren door, zodat de aftrek in 2023 maximaal 37,05% is. We zetten het in dit artikel voor u uiteen.

Lagere tarieven

De beperking van de aftrek hangt samen met de verlaging van de tarieven in box 1 (belastbaar inkomen uit werk en woning). Deze verlaging is vorig jaar ingezet en loopt ook in 2021 nog door. Zo daalt het tarief van de eerste schijf van 37,35% naar 37,1%. Ook hangt de beperking van de aftrekposten samen met de verhoging van de heffingskortingen (dat zijn kortingen op de belasting, waardoor je minder belasting hoeft te betalen), zoals de arbeidskorting in 2021.

Hypotheekrente

De aftrekbeperking vond voor het eerst plaats voor de hypotheekrente. Ook voor andere kosten is de aftrekbeperking dit jaar ingezet en zal in de komende jaren verder worden afgebouwd. Denk daarbij aan:

  • Onderhoudsverplichtingen
  • Uitgaven voor specifieke zorgkosten
  • Weekenduitgaven voor gehandicapten
  • Scholingsuitgaven
  • Aftrekbare giften
  • Het restant persoonsgebonden aftrek van voorgaande jaren en verliezen op beleggingen in durfkapitaal.

Ondernemersaftrek

Ook aftrekposten voor ondernemers worden verder in aftrek beperkt. Het betreft de zelfstandigenaftrek, de startersaftrek, de startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid, de aftrek voor speur- en ontwikkelingswerk, de meewerkaftrek, de stakingsaftrek en de mkb-winstvrijstelling.

Aftrek oudedagsreserve niet verlaagd

Het aftrekpercentage van de oudedagsreserve wordt niet verlaagd. Dit hangt samen met het feit dat op het moment dat de reserve wordt opgeheven, hierover ook tegen het normale tarief belasting betaald moet worden.